Vanuit het perspectief van de ESN schendt de EDIP het beginsel van nationale soevereiniteit en leidt deze tot een verdere centralisatie van het defensiebeleid op EU-niveau. De geplande verhoging van de nationale bijdragen en de verplichting tot gezamenlijke aanbestedingen — met als doel om tegen 2030 ten minste 40 procent van de militaire aanbestedingen gezamenlijk te realiseren — ondermijnen de beslissingsvrijheid van de lidstaten en leggen via de EU-begroting een extra last van 1,5 miljard euro op de nationale begrotingen. Hoewel de invoering van een “Buy European”-beginsel, waarbij 70 procent van de toegevoegde waarde binnen de EU moet worden gerealiseerd, in principe wordt toegejuicht, volstaat dit niet om de belangen van afzonderlijke landen te beschermen.
De ESN-fractie bekritiseert tevens de integratie van Oekraïne in de Europese defensie-industrie als riskant en politiek gemotiveerd. In plaats van verdere communautarisering pleit de ESN-fractie voor een consequente versterking van de nationale defensie-industrieën en een terugkeer naar een beleid van nationale verantwoordelijkheid.
Markus Buchheit, lid van het Europees Parlement voor de ESN-fractie, verklaarde:
“De veiligheid van Europa is de verantwoordelijkheid van soevereine natiestaten, niet van de Brusselse bureaucratie. Het EDIP-voorstel is een nieuwe stap in de richting van een Europees leger, dat wij resoluut afwijzen. Wij staan voor nationale soevereiniteit, democratische controle en een verantwoord defensiebeleid om de veiligheid van onze burgers te waarborgen.
De ESN-fractie zal zich blijven inzetten voor het behoud van de soevereiniteit en de belangen van de Europese naties.”